Collectie Zwaardemaker

 

Hendrik Zwaardemaker (1857-1930)

Hendrik Zwaardemaker Czn. werd op 10 mei 1857 in Haarlem geboren als zoon van een uitgever-boekhandelaar. Hij studeerde in Amsterdam medicijnen, waar hij ook in 1883 promoveerde op het proefschrift Over ischaemie van den hartwand. Van 1882 tot 1886 was hij officier van gezondheid bij de militair-geneeskundige dienst van de landmacht. In die periode specialiseerde hij zich in de keel-, neus- en oorheelkunde. In 1897 werd hij benoemd tot hoogleraar in de fysiologie aan de Universiteit Utrecht. Die functie bekleedde hij tot zijn emeritaat in 1927. Van 1909 tot 1910 was hij rector magnificus van de Utrechtse Universiteit. Zwaardemaker deed onderzoek naar de reuk- en smaakzin. Hij vulde de reukstoffenindeling van Linnaeus aan en ontwikkelde de eerste olfactometer, een meetinstrument voor geurstoffen. Daarnaast schreef hij In 1928 het Leerboek der phonetiek, dat tientallen jaren het handboek voor de fonetiek bleef. Hij hield zich tevens bezig met de aanpassing van de toen nog primitieve hoorapparaten voor doven. Hij kan daarom met recht de zintuigenspecialist van Nederland worden genoemd. Hendrik Zwaardemaker stierf op 19 september 1930 in Utrecht.

Onderwerp:fysiologie, geneeskunde
Jaar uitgave:ca. 1882-1929
Omvang:ca. 8 meter
Documentsoort:handschrift: brieven, collegedictaten, verslagen, aantekeningen en andere stukken; gedrukt werk: drukproeven met correcties
Ontsluiting:getypte inventaris
Algemene literatuur:

Wikipedia

Zwaardemakerlaan, in: Tuindorppost.

Catalogus Professorum

A.K. Noyons, "Hendrik Zwaardemaker Corn.zoon", in: Livre jubilaire H. Zwaardemaker (Archives néerlandaises de physiologie de l'homme et des animaux 7 (1922), 1-30).

G. Grijns, "In memoriam : Prof. Dr. H. Zwaardemaker Czn", in: Nederlandsch tijdschrift voor geneeskunde 74 (1930), dl. 2, p. 4752-4755.

Opmerkingen:7 brieven aan H. Zwaardemaker zijn geplaatst op signatuur: Collectie Zwaardemaker Hs. 29 A 1-8
Groei:afgesloten
Overige informatie:de collegedictaten zijn ca. 1967 ontvangen van het Physiologisch Laboratorium; de brieven in 1969 van het Universiteitsmuseum